Goed / Fout wonen
Met dit soort tegenstellingen laat Goed Wonen zien wat 'mooi' en dus goed is.

Na de oorlog wordt wonen opnieuw uitgevonden. Stichting Goed Wonen bepaalt hoe een modern huis eruit moet zien. Strak, functioneel en industrieel: dat is de toekomst!
Met tentoonstellingen, tijdschriften en modelwoningen laten ze zien wat ‘goed wonen’ is en verleiden ze mensen tot een modern interieur.
Met dit soort tegenstellingen laat Goed Wonen zien wat 'mooi' en dus goed is.



Dat waren souvenirs volgens Goed Wonen in mei 1965. Daarmee werd souvenir aardewerk afgekeurd, terwijl design - zoals het werk van Floris Meydam -juist als voorbeeld werd gezien. Hij werd in augustus 1964 door het tijdschrift geïntroduceerd als 'glaskunstenaar'.








Conservator Natalie Dubois over Stichting Goed Wonen. Fragment uit podcast.

Het was een stichting die vlak na de oorlog werd opgericht en die eigenlijk als missie had om Nederland te vertellen hoe ze moesten wonen. Die stichting bracht onder andere een tijdschrift uit, het tijdschrift Goed Wonen en daar werd letterlijk verbeeld zo moet je je woning inrichten en zo niet. En als je het op een bepaalde manier doet, naar onze maatstaven, dan word je een gelukkig mens.
Maar wie matigde zich dat aan of hadden het goed bedoeld met je?
Ja, ik denk dat dit voor een klein deel van de samenleving eigenlijk bedoeld was, of dat het daar aansloeg. Dit was nog steeds niet voor iedereen. Wat ze, je kan wel zeggen, propagandeerden in het blad, was ook niet per se goedkoop. Er staat wel in bijna elk blad één leuke rubriek, 'de stoel onder de vijftig gulden', dus die boden ze ook aan. Maar verder was het denk ik wel voor Ja voor de elite. Maar ik denk mensen die naar een wijk als Kanaleneiland verhuisden, die zullen voornamelijk, waren vaak hele jonge gezinnen, net getrouwde stellen, die zullen vaak spullen hebben meegenomen die ze van huis uit kregen, van hun ouders, of nog van hun grootouders, en dat dan opknapten. Was natuurlijk ook een tijd dat mensen nog niet zo heel veel geld hadden. Maar hier en daar denk ik wel dat ze hun interieur, dat ze daar een modern stuk aan toevoegden. Was natuurlijk ook een nieuwe generatie die daar ging wonen. En daar pasten de ideeën van Goed Wonen wel bij, die sloten wel aan.
Wat is dat met die fles?
Ja, dat is mijn favoriete citaat uit Goed Wonen, uit de tijdschrift. Staat ook groot op de omslag van deze Goed Wonen. Een hele forse melkfles. Juli, augustus 1948. Ja, met zo'n, ik weet echt niet wat voor materiaal dat was, ik ken het nog wel uit mijn jeugd, zo'n metalen dop erop. En daar gaat het maar liefst vier pagina's, nee zelfs meer, zes pagina's over. Daar staat over de melkfles het volgende: 'Deze fles is slechts een nietig ding in onze samenleving. Toch is hij typerend voor onze tijd, voor de stand van onze hygiëne, onze economie, onze natuur en scheikunde, voor het niveau van onze transportmiddelen, voor onze kunst, voor onze maatschappelijke structuur, in het kort voor onze gehele cultuur. Als deze fles in uw interieur past, dan betekent dit dat uw interieur, in overeenstemming met onze tijd, dat uw interieur goed is. Vindt u dat het beslist nodig is de melk eerst over te gieten in een mooi tussen aanhalingstekens kannetje, waarmee u de reeks van noodzakelijkheden plotseling afbreekt, dan is er ergens een fout. Of bij u, of bij uw interieur. Want de fles is goed.'
Ja, het is best paternalistisch en je zou, het wordt ook weleens gezegd dat Goed Wonen echt propagandeerde eigenlijk. Er is een hele duidelijke mening in het blad wat goed is en wat fout is. En een melkfles is dus goed.
Waar vroeger een tijdschrift bepaalde wat een ‘goed’ interieur was, doen algoritmes dat nu.
