Willibrord was de eerste geloofsverkondiger in het gebied dat we nu Nederland noemen. Hij bouwde onder meer de eerste christelijke kerk in de stad Utrecht, de Sint-Salvatorkerk (in 1587 gesloopt). Hij overleed in 739. Naar aanleiding van zijn 1200ste sterfdag werd in het Centraal Museum een grote tentoonstelling opgezet.

Merkwaardig is dat in de knipselboeken die het museum sinds 1921 bijhoudt, geen enkel krantenartikel over die tentoonstelling is te vinden. Toch is er indertijd veel over de expositie geschreven. Als voorbeeld een fragment van een ruim opgezet artikel in het Utrechts volksblad, een sociaal-democratisch dagblad. Het gaat daarbij om de inleiding die de directeur van het Centraal Museum, dr. W.C. Schuylenburg, bij de opening hield. De tekst die naar de kranten werd gestuurd, is vermoedelijk afkomstig van jkvr. dr. C. de Jonge, de conservator van het museum.

"Bij het overwegen der plannen - aldus spr., stond het reeds aanstonds bij het [tentoonstellings]comité vast, dat de tentoonstelling, wilde zij van meer dan gewoon belang zijn, een tweeledige zou moeten worden, een van Willibrordiana, en een kunsttentoonstelling, die iets doet zien van de wisselwerking, die tussen de in onze landen ontstane kunst en die van de ons omringende landen heeft plaats gehad.

Dat de kunst van lerland, het land, vanwaar Willibrord tot ons is gekomen, en dat gedurende lange tijd een kweekplaats voor het missie- en beschavingswerk in West-Europa is geweest, daarbij niet mocht ontbreken, mag als vanzelfsprekend worden beschouwd. Van temeer belang mocht dit bijzondere onderdeel geacht worden, omdat deze hoogstaande kunst van een wel zeer eigen karakter hier te lande nog nimmer in enige volledigheid is te zien geweest.

Niet alleen de Merovingische en de Karolingische, maar ook de Romaanse periode zijn voorts hier vertegenwoordigd, waaronder wereldberoemde stukken, zoals die, welke de zogenaamde schat van Childeric uitmaken, de kostbaarheden te Doornik gevonden in het graf van dezen in het jaar 481 overleden koning der Franken, den vader van koning Clovis, stukken ook als het Utrechts Psalterium, het beroemde handschrift uit de Utrechtse universiteitsbibliotheek, met zijn van zo groot meesterschap getuigende pentekeningen, stukken, die op zichzelf reeds een groot relief aan deze tentoonstelling verlenen en voor welker beschikbaarstelling het comité dan ook met de grootste erkentelijkheid vervuld is.

Als bijzonderheid zij nog medegedeeld, dat ook de plaats zelf, waar Willibrord zijn klooster en kerk hier in Utrecht gesticht heeft, het tegenwoordige Domplein, enige niet onbelangrijke bijdragen voor de tentoonstelling heeft kunnen leveren. Bij een der opgravingen der laatste jaren toch zijn hier een sarkofaag met vlecht-band-ornament versierd, een kunstig bewerkte riemtong en een drietal fraaie zilveren en verguld-bronzen armbanden gevonden, allen daterende uit de 6de tot 7de eeuw, welke thans mede hier tentoongesteld zijn." (16 juni 1939)

De tentoonstelling werd geopend door minister-president H. Colijn.

In 1939 werd Willibrord uitgeroepen tot patroon van de Nederlandse kerkprovincie. Vanaf 2002 wordt in Utrecht een Willibrordprocessie gehouden, en wel op de tweede zondag van september.