Het Hettitisch koninkrijk bestond tussen ongeveer 1700 en 1200 v.Chr. en omvatte op zijn hoogtepunt Klein-Azië, het noordelijk deel van Syrië en Opper-Mesopotamië. In de periode tussen 1100 en 700 v.Chr. viel het rijk uiteen in kleine stadsstaten. Begin jaren 60 van de vorige eeuw werd op initiatief van de Turkse generaals die in 1960 door een staatsgreep aan de macht waren gekomen, een tentoonstelling over de kunst van de Hethieten samengesteld, die Keulen, West-Berlijn, Darmstadt, Zürich en Utrecht aandeed.

De tentoonstelling werd op 22 december 1961 geopend, maar pas toen de prinsessen Beatrix en Margriet begin februari 1962 het Centraal Museum hadden bezocht, verschenen er krantenartikelen over de expositie. Overigens signaleerde het communistische dagblad De waarheid "soms een verdacht naziluchtje" aan de in het Duits geschreven catalogus.

Er reisden 228 objecten rond, in Utrecht aangevuld met 18 objecten die het Nederlands Instituut voor het Nabije Oosten (het NINO) in Leiden in bruikleen had gegeven.

Naar aanleiding van een tentoonstelling met hetzelfde onderwerp in 2002 schreef dagblad Trouw over "(...) voorwerpen die zonder voorkennis al zo veel te zeggen hebben. De kunst van de Hettieten was benepen noch megalomaan, eerder viel ze op door de rijkdom in (abstracte) vormen." Een collectie Hettitische kunst is te zien in het Museum van Anatolische Beschavingen in Ankara.

Documentation

  • Kunst der Hethieten, [teksten Kurt Bittel ... et al.], Centraal Museum (Utrecht, 1961) (46 p.)
  • Kunst und Kultur der Hethiter, [mit Texte von Kurt Bittel ... et al. ; Glossarium Ingeborg Bolz-Augenstein ; Kataloggestaltung Ernst Thiele], s.n. ([S.l., 1961]) (109 p.,[71] p. pl.)

Collection in this exhibition

  • No objects from the Centraal Museum collection were shown in this exhibition

Questions?

Do you have a remark or extra information on this exhibition? Please let us know!