Circa 1360 werden de eerste stedelijke munten geslagen in Groningen, in 1794 de laatste in Utrecht. In de tussenliggende 400 jaar hadden veel steden in de Nederlanden voor korte of langere tijd hun eigen betalingsmiddelen. De lokale muntslag had een sterk economische achtergrond, maar had ook een duidelijk cultureel aspect door de vaak kunstzinnige vormgeving en de techniek van vervaardiging. Beide aspecten kwamen dan ook aan bod bij de tentoonstelling 'Klein geld, grof geld' die in oktober 1975 in het Centraal Museum te zien was.

Documentation

  • Klein geld, grof geld : munten van de Nederlandse steden, Hendrik Enno van Gelder, Centraal Museum (Utrecht, 1974) (42 p.)

Collection in this exhibition

  • No objects from the Centraal Museum collection were shown in this exhibition

Questions?

Do you have a remark or extra information on this exhibition? Please let us know!