Uit het Utrechtsch Nieuwsblad van 8 mei 1933: "In het Centraal Museum hier ter stede werd Zaterdagmiddag een tentoonstelling op het gebied van kant-kunst geopend. Deze tentoonstelling is samengesteld uit kant-collecties van het Aartsbisschoppelijk Museum en het Stedelijk Museum, van het Oud-Katholieke Museum hier ter stede, van het Rijksmuseum, geschonken door het "Kantsalet" en van particulieren.

Onder de vrij talrijke belangstellenden, die bij deze opening tegenwoordig waren, en waar het dames-element een meerderheid vormde, merkten wij o.a. op mevrouw s'Jacob, Freule de Jonge, voorts waren aanwezig Dr. J.P. Fockema Andreae, burgemeester te dezer stede en wethouder Boer.

De directeur van het Centr. Museum, Dr. W.C. Schuylenburg, opende de tentoonstelling met de mededeeling dat deze expositie het resultaat was van het streven der vereeniging "Het Kantsalet", die beoogt de liefde tot kant-kunst op te wekken, en te verbreiden. Spr. vermeldt hier de medewerking van mevr. s'Jacob, die getracht heeft hier een nieuwe afdeeling te vormen, hetgeen echter tot nog toe niet heeft kunnen geschieden."

Een nieuwe afdeling kon pas gevormd worden bij 25 leden of meer. In 1936 was de plaatselijke afdeling alsnog tot stand gekomen. Presidente werd mevrouw A.C. de Geer van Jutphaas-Röell.

Na het openingswoord van de directeur gaf mevrouw L. van der Meulen-Nulle een lezing; zij was een der meest deskundigen op dit gebied in ons land. Zij was in de periode 1906-1911 directrice van de Koninklijke Nederlandsche Kantwerkschool in Den Haag.

Naar haar mening was de kantkunst in de 19e eeuw door de machine geheel op den achtergrond geraakt, hoewel dit in Nederland weinig verschil uitmaakte, daar hier nooit een kantindustrie van beteekenis bestaan heeft. "Echte" kant is volgens de spreekster voor iedere kunstliefhebber slechts het met de hand vervaardigd werk, hoewel ze moest toegeven dat omstreeks 1850 de eerste goede machinale nabootsingen van kantpatronen waren verschenen.

Verder verwees ze nog naar madame De Pompadour die eens aan een "point d’Angleterre" op haar japon fl. 36.000 besteedde; stadhouder Willem III, koning van Engeland, droeg eenmaal een kostuum met kant van fl. 20.000. Die bedragen zijn te vergelijken met resp. 365.000 en 220.000 euro in 2014.

Collection in this exhibition

  • No objects from the Centraal Museum collection were shown in this exhibition

Questions?

Do you have a remark or extra information on this exhibition? Please let us know!