Ga direct naar hoofdinhoud
Straatrumoer : Rome gezien door de Nederlandse schilders in de Gouden Eeuw : Pieter van Laer en de Bamboccianti

Straatrumoer : Rome gezien door de Nederlandse schilders in de Gouden Eeuw : Pieter van Laer en de Bamboccianti

Afgelopen
7 dec 1991 t/m 9 feb 1992
Centraal Museum

De Haarlemse schilder Pieter van Laer (1599-1642) reisde in 1624 of 1625 af naar Rome, net zoals zo vele Hollandse kunstenaars voor en na hem. Door zijn kleine, mismaakte gestalte kreeg hij al snel de bijnaam Pietro Bamboccio (voddenpop). De Noord- en Zuid-Nederlandse kolonie was berucht door de buitensporige bacchanalen die veel straartumoer gaven. Maar Van Laer en de zijnen zorgden ook voor veel rumoer door hun keuze van voor die tijd onconventionele onderwerpen: geen thema's met Griekse en Romeinse ethiek, maar taferelen uit het 'gewone leven' met kaartspelers, plassende jongens, dronkaards en rovers die koetsen overvallen. Van de bamboccianti, het genootschap rond Pieter van Laer, werd dan ook schande gesproken, en ze kregen van het thuisfront aanvankelijk niet de waardering die ze verdienden. Door artikelen van de Utrechtse hoogleraar G.J. Hoogewerff (1884-1963) werden de bamboccianti uit de duisternis van hun bestaan bevrijd. Een imposante expositie, gewijd aan Pieter van Laer en de bambocchianten, werd van 7 december 1991 tot en met 9 februari 1992 in het Centraal Museum gehouden. De tentoonstelling was eerder in het Wallraf-Richartz-Museum in Keulen te zien.

Media 1
Media 2
Media 3
Media 4
Media 5
Media 6
Titel
Straatrumoer : Rome gezien door de Nederlandse schilders in de Gouden Eeuw : Pieter van Laer en de Bamboccianti
Begindatum tentoonstelling
7 december 1991
Einddatum tentoonstelling
9 februari 1992
Locatie
Centraal Museum

Centraal museum laat meer zien