Aan het einde van de achttiende en het begin van de negentiende eeuw had elke zichzelf respecterende stad een tekengenootschap waar kunstenaars en amateurs zich gezamenlijk konden oefenen in de kunst van het tekenen. In Utrecht werd in 1807 met dat doel het Genootschap Kunstliefde opgericht. Een groep kunstenaars en praktizerende kunstminnaars ging het tekenen naar gekleed model beoefenen. Deze modellen verbeeldden voornamelijk volkstypen.

Als tegenhanger van dit kunstzinnig tekenonderwijs werd elders in de stad technisch tekenonderwijs gegeven, dat zich richtte op aankomende ambachtslieden. Deze vorm van onderwijs werd sinds het midden van de achttiende eeuw onder andere gegeven aan het Gereformeerd Burgerweeshuis, waar jonge handwerkslieden zich oefenden in het ontwerpen van theekoepels, koetsen, dakcontruncties en andere voorzieningen voor hun toekomstige clièntele.

Verder was er in Utrecht het openbaar tekenonderwijs, onder meer aan de de Stadstekenschool, waar het kunstzinnig en technisch tekenonderwijs verenigd waren.

bron: A. Hoogenboom, L. van Tilborgh, Tekenen destijds, Utrechts tekenonderwijs in de 18e en 19e eeuw, Utrecht/Antwerpen 1982

Naar aanleiding van het 175-jarig bestaan van Kunstliefde organiseerde het Centraal Museum in 1982 een tentoonstelling over de geschiedenis van het Utrechtse tekenonderwijs in de achttiende en de negentiende eeuw.

Documentatie

  • Tekenen destijds, Louis van Tilborgh, Annemieke Hoogenboom, Het Spectrum (Antwerpen) (79 p.)
  • Tekenen destijds : Utrechts tekenonderwijs in de 18de en 19de eeuw, [A. van Tilborgh, A. Hoogenboom], Centraal Museum (Utrecht, 1982) ([4] p.)

Collectie in deze tentoonstelling

Vragen?

Ziet u een fout? Of heeft u extra informatie over dit tentoonstelling? Laat het ons weten!