De Beeldende Kunstenaars Regeling (BKR) was van 1956 tot 1987 een regeling in Nederland, waarbij rijk en gemeenten opdrachten verstrekten aan kunstenaars en hun werk vervolgens aankochten. Het doel van deze regeling was de maatschappelijke zelfstandigheid van kunstenaars te garanderen.

De regeling kende enkele nadelen: het aanbod was nogal groot; zo puilde de werkkamer van de ambtenaar die in Utrecht verantwoordelijk was voor de uitvoering van de regeling, uit met schilderijen, beeldhouwwerken, asbakken, potten, pannen en dergelijke. Vanaf 1972 kwam een deel van de aangekochte werken terecht bij daarvoor opgerichte centra voor kunstuitleen. Daarnaast was de kwaliteit van het gebodene niet altijd even hoog. Werken die in bruikleen werden gegeven aan nonprofit-instellingen werden dan ook onder meer gebruikt als prikbord. En het was een relatief dure regeling. Zo werd in 1981 circa 91,5 miljoen gulden (41,5 miljoen euro) begroot, wat, omgeslagen over ca 3000 kunstenaars die van de regeling gebruik maakten, neerkwam op bijna 14.000 euro.

In 1979 werd voor het eerst in Utrecht een tentoonstelling/manifestatie georganiseerd van werken die binnen de BKR waren aangekocht. In 1981 werd de tweede tentoonstelling gehouden in het Centraal Museum, waarbij zo'n 120 kunstenaars vertegenwoordigd waren. Het was de tijd dat geschreven werd: "Fundamentele aantasting van de BKR (...) kan dan in zekere zin AFSCHAFFING van de hedendaagse beeldende kunst betekenen." In 1987 was de regeling officieus opgeheven en in 1992 officieel ingetrokken. Enkele jaren later kwam de WIK, gevolgd door de WWIK.

Documentatie

  • BKR presentatie : provincie en stad Utrecht, Centraal Museum (Utrecht, 1981) ([S.p.])

Collectie in deze tentoonstelling

  • In deze tentoonstelling waren geen objecten uit de collectie van het Centraal Museum te zien

Vragen?

Ziet u een fout? Of heeft u extra informatie over dit tentoonstelling? Laat het ons weten!