Centraal Museum
Look closer, see more
Aan het begin van de 17e eeuw ontwikkelt het visstilleven zich als een zelfstandig genre vanuit de oorspronkelijke keuken- en marktstukken van bijvoorbeeld Pieter Aertsen en Joachim de Beuckelaar. Het werk van Aertsen en Beuckelaer verbeeldt pronte marktmeiden en -jongens die hun vis aan de man brengen, met op de achtergrond een kleine religieuze voorstelling. Sinds het begin van de 17e eeuw wordt de vis uit deze marktstukken geïsoleerd afgebeeld en zien we de ontwikkeling van het visstilleven als zelfstandig genre. Van ca. 60 schilders uit de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden zijn visstillevens en vismarktstukken bekend. De compositie en uitvoering van deze visstillevens varieert enorm. Naast eenvoudige en fijngeschilderde panelen zoals die van Clara Peeters, bestaan er ook uitbundige, grote doeken van o.a. Abraham van Beijeren. Jan Fyt legt de vis op een zeer kostbare zilveren schaal en combineert ze met bloemfestoenen, terwijl Pieter de Putter de vis op een houten bank legt, met bijbehorend visgerei. Er zijn schilderijen met vers gevangen en bewerkte vis, vis aan het strand en vis in de keuken. Ook zijn er schilderijen met overweldigende vismarkten en aantrekkelijke portretten van visverkopers. In 'Vis. Stillevens van Hollandse en Vlaamse Meesters 1550-1700', was een selectie te zien van meer dan 55 mooiste en belangrijkste visstillevens ter wereld. De tentoonstelling was een onderdeel van het programma Vis Vitalis.
Hendrick ter Brugghen, Jacob Gillig, Jan de Bont
Look closer, see more